Kievit in lappenmand

Norg – via onze speciale verslaggever | De overwinning in de trainingsklassieker te Sleen heeft toch een grotere tol geeist van Harko Kievit dan eerst werd gedacht. Waar de sterkhouder van Team ZAES eerst nog luchtig repte van een “fijn trainingsritje” en nonchalant wat foto’s plaatste van een bos bloemen werd de Leekster wielrenner vandaag gezien in een rolstoel.

Kievit, die bij het maken van de foto ondanks alles toch een duim wist op te steken, wil verder niet veel loslaten over de mysterieuze blessure die hem kennelijk parten speelt. Kwade tongen beweren dat Kievit onder het kopmanschap voor de GP Middelstum uit probeert te komen. Vorig jaar werd hij hier immers in het pak gestoken door de CSG-equipe onder leiding van Jelte Krol, die hiervoor in het heetst van de strijd een klap op z’n helm moest incasseren. Binnen de ploeg is nu discussie ontstaan hoe het gat opgevuld dient te worden. Dennis Steverink meldt zich nadrukkelijk voor het kopmanschap, naar het schijnt. Laat “good old” Jan Hekman dit gebeuren? De tijd zal het uitwijzen.

De Dikke Van Dale heeft laten weten nog geen verzoek te hebben ontvangen om het spreekwoord “lopen als een kievit” te schrappen uit het woordenboek.

 


Middelstum

Over winteren in Spanje

Het zit in ons om in hokjes te denken, om mensen in categorieën te plaatsen. Binnen het cyclisme geldt dat zeker, kijk maar naar de grote hoeveelheid licentie-categorieën die er is. Maar renners worden niet zelden in een categorie geplaatst die niets met een licentie te maken heeft. Tijdrijder, spaakbaard, Flandrien… De lijst is eindeloos.

Eén van de ergste categorieën die er is, nog erger dan Zwift-gebruikers, is de categorie renners die in deze periode van het jaar naar Spanje vertrekt om te trainen. Een beetje lijntjes kweken terwijl je geniet van de Spaanse zon en daar dan mee pronken op Facebook, Strava en Instagram…

Daar word je geen kerel (m/v) van. Maar er zijn nog veel betere redenen om in februari en maart in het hoge noorden te vertoeven. Een opsomming met de belangrijkste redenen:

  1. Dieuwke Kalsbeek. Streng doch rechtvaardig, geliefd en gevreesd. Waag het niet om voor een koers al ingeklikt tegen een auto aan te leunen. Elke zondag in februari vertrekt het peloton in Annen pas wanneer Dieuwke daar toestemming voor geeft (als Burry er tenminste niet doorheen roeptoetert). Meestal verzoekt Dieuwke ons om rustig aan te doen en een beetje respect voor elkaar te hebben. Een verzoek dat steevast in de wind wordt geslagen door het van ongeduld briesende amateurpeloton. Toch staan Dieuwke en alle andere vrijwilligers elke zondag weer in een troosteloos oord er voor te zorgen dat wij kunnen koersen. Hulde! Is er dan nog een minpuntje? Ja. Dieuwke haar niet onknappe dochter Janieke verkiest de Spaanse zon boven de toendra van Annen. Foei!

 

  1. Drop. Dat hebben ze in Spanje niet. Donderdagavond op Corpus den Hoorn wel. Maar dan moet je wel een beetje kunnen sprinten.

 

  1. De beschermheilige van het damespeloton. Is het je al eens opgevallen dat in Annen altijd dezelfde Omega-renner tussen de dames rijdt? Lang, dun en een beetje scheef op z’n zadel zittend. Het is niet dat Marten Veen elke keer onvrijwillig moet lossen in de eerste ronde. Hij moet dit van zijn koersende vriendinnetje. Om haar en de andere rensters van NWVG-Uplus uit de wind te houden dan wel te beschermen tegen de capriolen van Burry en ander overstekend wild.

 

  1. Harken op het kantje, met het hol open. Je kunt er alle clichés van Thijs Zonneveld en Maarten Ducrot bij elkaar op loslaten, maar waaierrijden vormt de basis van het koersen in Noord-Nederland. Je kunt er maar zo snel mogelijk aan wennen. In Spanje kan dat niet, in Annen, Sleen en zelfs op Corpus en in Emmen kan dat meer dan goed.

 

  1. Het binnenblad van Harko Kievit. Tijdens de echte afspraken onaangeroerd, in deze tijd van het jaar nog veel gebruikt. Wees er dus snel bij, straks zie je alleen nog het buitenblad (en het achterwiel) van Harko.

 

  1. Burry. Ligt er tegenwoordig na een halve ronde al af. Pikt dan steevast bij elke waaier aan die hij tegenkomt. Om vervolgens deze waaier in één goede snok helemaal de poep in te rijden en als eerste te lossen. Uitrijden doet hij ook niet vaak. Gelukkig heeft Burry tegenwoordig de uitgebreide mogelijkheden van zijn telefoon en Facebook ontdekt. Als razende reporter doet hij op Facebook live-verslag van de finale en de finish, zodat het volkje dat in Spanje bivakkeert live kan aanschouwen wat ze op dat moment missen.

 

  1. Anna van der Breggen. Wie was dat meisje in de Boels-windstopper en op de smerige Specialized, die zich zo brutaal op kop zette tijdens de Tandje Hoger Dropkoers? Ze bleek ook nog wel aardig door te trekken. Stond daar nou echt Van der Breggen op de bovenbuis? Ja dus! De basis van successen ligt op Corpus den Hoorn.

 

  1. De mongolenwaaier. Een koers waar 80 renners starten levert 80 verschillende verhalen op. Hoe verder je naar beneden gaat in de uitslag, hoe sterker die verhalen worden en hoe slechter de indekkers zijn. Natuurlijk zit je niet door je eigen schuld in de mongolenwaaier, maar kwam dat omdat het voor je brak. Vervolgens kwam je in een waaier waar het totaal niet draaide. Maar gelukkig reed jij in de mongolenwaaier het hardste op kop en liepen die idioten om je heen alleen maar te snokken of te verzaken. Dat je in de laatste ronde nog wel een paar elite-dames, sportklasse-renners en andere breedtesporters uit het wiel reed mag natuurlijk ook niet onvermeld blijven.

 

Heb je nog meer overtuiging nodig? Heerlijk, fietsen langs de Spaanse costa of op Mallorca. Maar die Spaanse zon kan niet op tegen een waterig voorjaarszonnetje of lichte miezerbui wanneer je op een februarimiddag, voorzien van een rugnummertje, aan het zwoegen bent om je vorm te verbeteren. Beter wordt het niet.

 


Krol

Krol voorspelt 10 zeges voor CycleSport.

Groningen – Jelte Krol voorspelt tien zeges voor zijn CycleSport Groningen. „Dat gaan we absoluut halen.” Eerder werden dit soort zege-aantallen ook door de peilers voorspeld, maar na recente tactische blunders veranderde dat en daalde de club in de peilingen. Krol gelooft echter niet dat de peilers dat goed zien.

De politicus deed zijn uitspraken in een baardig wielercafé in Groningen waar, als onderdeel in een interviewserie, alle voorzitters van noordelijke wielerclubs om een voorspelling wordt gevraagd.

Krol gelooft verder dat Team Zaes de grootste partij wordt met 28 overwinningen. Hij hoort op staat namelijk van veel mensen dat ze op Harko Kievit zijn wiel gaan rijden.

De voorzitter denkt niet dat hij kopman zal worden als zijn ploeg de koers gaat regeren, al sluit hij het ook weer niet uit. Krol voelt zich meer meesterknecht dan kopman, zei hij terwijl hij nipte aan een Kwaremont-biertje. En die rol kan hij in de buik van het peloton het best spelen, vindt Krol


Koersen is therapie

Aan alles komt een einde, zo ook aan de GP’s Ekehaar te Annen. Die trainingskoersen doen me verrassend genoeg nogal denken aan de wekelijkse praatsessies met mijn therapeute. Zo regent het, voor m’n gevoel, ALTIJD. Niet hard, met van die goede stevige druppels, maar miezerig. Van dat druilerige halfbakken zoals het alleen hier kan.

Voor aanvang van alle hoofdbrekende diepgang neem je plaats in een te kleine ruimte om daar het gemier en gepeupel van een stel psychosporters aan te moeten horen. Over hoe kut het weer is en hoe versleten hun kleding. Dat die gekke Tsjerk vast wel weer een rondje in wil rijden. Dat ze hopen niet overhoop gereden te worden door een ‘spaakbaard’.

Dat overhoop gereden worden mag je trouwens figuurlijk nemen. Robert (die met de imposante gezichtsbeharing en vooroorlogse Gazelle) rijdt al op de heenweg de stenen uit de straat en duldt zo’n groepje huilende grijze kerels helemaal niet in zijn wiel. Reken er maar op dat die nog mooie prijzen gaat pakken.

De zalvende, zachte stem van mijn therapeute doet mij trouwens steeds meer aan Dieuwke denken… Meer omdat ze me vlak voor aanvang van het sufferfest nog even keihard uit mijn dagdroom haalt. De gedachte vlak voor het begin dat het heus allemaal goed komt, dat het dit keer geen pijn doet en je hier echt maar dan ook echt sterker uit gaat komen. En dan binnen 5 minuten met hartslag 300 probeert te overleven en er maar het beste van maakt.

Gaandeweg de koers kom je steeds meer in het reine met jezelf. Blijf je tegen jezelf herhalen dat de pijn (uit je benen) heus minder word. En er een hele hoop gelijkgestemden zijn. Die gelijkgestemden vind je dan ook. In de mongolenwaaier. Gezellig met de geloste stormvogels, WSV-Emmenaren en die ene gast van Omega. Veel te soignée, maar geen kracht in z’n poten. Halverwege wrijf je de tranen, euhm modder, onder je bril uit je ogen en zet je blik om oneindig. Aan alles komt een einde.

Als je over de finish bolt en je recht op zet valt er een zucht van verlichting over je heen, je kruipt naar de kleedruimte om iets warms aan te trekken en zo’n droge Snelle Jelle burgemeester te maken.

Als ik thuis kom van therapie of Annen of Sleen of de Meerdijk wil ik nog maar één ding. Op de bank liggen onder een kleedje. Koekjes eten. En een aai over m’n bol van m’n lieve vriendinnetje. Helaas zij vind alleen maar dat ik me aanstel en eens moet gaan beginnen met koken. Tsss snapt ook niks van koersen die meid….

Ik kan overigens niet wachten tot ICW Middelstum!!


En dat was 4

Daar staan we dan. Huisvaders, studenten, werklozen, carrieretijgers. Met de ziel onder de arm bij een vreemd buitensportcentrum ergens in Drente. We zijn met z’n allen over de streep gerold, dat leek zo’n 4 minuten nog heel belangrijk. Nu de adrenaline wat opdroogt blijkt de wereld gewoon te hebben doorgedraaid in tussentijd. Die ziel hebben we trouwens onder de arm omdat er net een vierde luik aan het het vierluik Annen is gespijkerd. Klaar dus.

Het is niet echt een wereldschokkend kunstwerk geworden, als we eerlijk zijn. Eigenlijk lijkt het best wel op het vierluik dat we een jaar geleden met z’n allen in elkaar knutselden. We hadden het er nog een dag of 3 over en eigenlijk verdween het daarna ergens in een depot ofzo.

Is dat erg? Lijkt ons niet. Vierluiken Annen maken is the most fun you can have with your clothes on. Nou, oké, dat is niet helemaal waar. Maar mooi was het. En dat is nu dus voorbij.

Het laatste koersje verliep eigenlijk nog best vreemd. Een handjevol eliterenners, wat junioren, een tandem en 1 nieuweling werden door Dieuwke weggefloten met het vriendelijke verzoek even voorzichtig met elkaar te doen en waar mogelijk even op elkaar te wachten. Zo werd de eerste renner pas na een meter of 40 gelost. Het leek wel een wedstrijd.

Als je niet beter wist had je die indruk ook gekregen bij de amateurkoers. Direct vanaf de start probeerden er mensen weg te rijden. Hoewel het CSG was die knuppel gelijk in het hoenderhok gooide probeerden de Spaakbaarden het ook veelvuldig en, het moet gezegd worden, met indrukwekkend geweld. De liefde groeit, de baard helaas ook. Hard fietsen, daar had een deel van het peloton niet zoveel zin in. Een oude baas van NWVG bleef maar roepen dat er een tweede waaier opgezet moest worden. Inderdaad een goed idee, even de benen stil houden achter de eerste waaier en dan met een stel gezette kantoormedewerkers, wat ongetrainde veertigers, en stel brakke studenten en vier kleuters bakkeleien over de wie het kopwerk gaat doen en vervolgens de kopgroep uitzwaaien. Nee, dan liever even afzien op kant.

Ook een Emmenaar zag liever niet dat er iemand probeerde weg te rijden. Als dat gebeurde (en mislukte) kreeg de dappere fietser een zeurderige reprimande van de oude baas te verwerken. In zijn tijd kreeg je in de Teleflextour waarschijnlijk nog bonificatieseconden voor het hebben van een grote muil. Een lange slungel met verwassen tenue schreeuwde uit pure angst moord en brand als iemand iets te bruusk z’n fiets in een gaatje duwde. En toen het in de derde ronde even flink op kant ging was men daar zo verbaasd over dat het plaatselijke asfalt weer wat stukken huid rijker is.

(Wat een vreselijk geluid, hoor je dan te zeggen. Hoort u ook altijd flink wat concurrenten minder en de kans op een mooie ontsnapping?)

Op het einde won er een roeier. What else is new. Burry werd gelost en filmde. What else is new. Van de uitslag klopte geen kut. What else is new. Op de terugweg werd de mislukte koers nog even gered door met 35 per uur terug te stampen. What else is new.

Er was weinig new. Maar dat was niet erg. In ons depot is nog ruimte zat.

 

 


Uit de buik van de mongolenwaaier

Als traditionele opener van het (noordelijke) wielerseizoen staat ook dit jaar weer de trainingsklassieker Sleen, ook wel bekend onder de naam GP Eric ‘Boedha’ Boersma of Dwars door het land van Marijn de Vries, op de KNWU-kalender. Ergens tussen Sleen, Oosterhesselen en nog zo’n godvergeten Drents dorpje heeft de WSV Emmen een parcours gevonden van 12km, over smalle wegen tussen uitgestrekte weilanden. Prachtig wanneer je fan bent van het depressieve Oost-Groningen.

Zelf stap ik met frisse tegenzin veel te vroeg in de auto. Ik tik op de TomTom ‘Sleen’ in, wrijf de slaap uit m’n ogen, en rij weg. Vroeg die zwoele Vlaamse vrouwenstem op de navigatie nou echt “Ben je gek geworden?” en “Weet je het zeker?” Vast een bijverschijnsel van die derde bak veel te sterke koffie… Na een klein uurtje sta ik als één van de eerste Amateurs bij de inschrijving. “Startnummer 6 voor u meneer, heeft u een transponder?” Godsamme, zelfs hier zijn ze ’s ochtends vroeg beleefd.

Stilletjes schuifel ik de kleedkamer van de plaatselijke voetbalvereniging in om tussen het jonge grut van GSWV Tandje Hoger mijn rugnummer op te spelden. Een bevriende renner uit het Oooosten van het land smeert een heftig meurend goedje op zijn benen onder het mom van: ‘blieft de beens lekker wa’m zo”. Het zal wel, ik ben al blij als ik uitrij vandaag. Na een rondje inrijden, gelukkig in het wiel van een koppel renners uit Hardenberg zodat ik niet nu al tegen de koude wind in hoef te beuken, maakt het peloton amateurs zich klaar voor de start. “Fuck, wat zijn het er veel. En, fuck wat is het koud” schiet er door mn hoofd. Ik kijk vluchtig om me heen en zie geen Tom Akkerman aan de start. “Kak, nu moet ik nog oppassen dat ik niet de eerste losser ben ook!”

Na een infantiele poging tot aftellen klinkt het fluitsignaal en een kleine 80 man vertrekt. Al in de eerste bocht maakt iemand voor me een bijna schuiver, te midden van gevloek en getier sluit ik aan in het peloton. Bij de tweede bocht is de slachtpartij al begonnen en is de groep uiteengespat. Ik kan in de verte nog de contouren van Harko Kievit herkennen.

Harko, is hij niet leraar? Je zou maar als leerling op schoolreisje met die man moeten. Op de fiets met de hele klas. En dan huilend in het wiel van de meester. Weten die koters ook hoe ik me voel! Hard gescheld om me heen ontwaakt me uit m’n korte dagdroom. De renners om me heen vloeken en tieren. Helaas zijn de wegen rond Sleen niet breed genoeg voor groepjes groter dan 9 renners. Schijnbaar helpt het dan om heel hard te schreeuwen dat iedereen moet ‘draaien godverdomme’. Ik kom uiteindelijk in het wiel van een beer van een TH-er terecht in een mooi groepje. En ik zal uiteraard laatste worden in de sprint van dat groepje, want tja, mijn sprint ben ik al jaren kwijt.

Verkleumd en nat strompel ik met mijn tas droge spullen een kleedkamer in. “Hé donder op! Ploegen bespreking!” Krijg ik naar m’n hoofd gesmeten door Allard Engels, wanneer ik de deur open doe. “Flikker op! ik wil douchen” reageer ik kortaf en wandel stug door. De brede glimlach op het gezicht van de ploegleider spreekt boekdelen.

Onder de douche kom ik langzaam weer tot leven en bemerk tot mijn grote verbazing dat een kleine twee uur koers in Sleen net zo’n vernietigend effect heeft op m’n zitvlak als de columns van Marijn de Vries. Tijd om naar huis te gaan, Omloop het Nieuwsblad kijken. Eens zien hoe de echte mannen het er vanaf brengen.


Een avontuurtje in Sleen

M’n ballen schuren over de autostoel en met een teennagel (die natuurlijk te lang is) tik ik net het gaspedaal aan – dat doet zeer. Ik raak met mijn elleboog de toeter, zodat ik zeker weet dat iedereen in de buurt even deze kant op kijkt. Dat geeft niet zo veel, want de ramen zijn beslagen. De auto staat wat te schudden, omdat ik zo onhandig beweeg. Kreunend grijp ik naar mijn nek, waar de kramp in schiet. Opeens moet ik een zakje openkrijgen en dat wil natuurlijk niet met trillende vingers. Ik steek het tussen mn tanden, lach wat onhandig, en scheur met het zakje de inhoud kapot.

Is dat erg? Nee, want de inhoud is een Snelle Jelle en niet wat jullie allemaal denken. Er is geen wulpse dame mee gekomen in mijn auto, maar wel een hoop modder en nog meer kou. En ik heb ontzettend honger en niet zoveel zin. Dus ik zet de blazers vol aan, terwijl ik me probeer om te kleden. Mijn natte kloffie moet uit, de drek van mijn gezicht. En het zou zo fijn zijn als mijn handen weer wat opwarmen. Vandaag is het voorjaar dan echt begonnen, want vandaag was de Omloop. Niet ‘Het Volk’, niet ‘Het Nieuwsblad’, maar de trainingsomloop in Sleen. Traditioneel het begin van het koersjaar.

En om goed aan de start te staan hebben we allemaal eerst in Annen, in Emmen en op Corpus gereden. Er zijn zelfs allerlei malloten naar Spanje, Mallorca en weet-ik-veel waarheen gereisd, maar daarover later meer op deze blog. Eerst Sleen.

Het is smerig koud en het waait keihard. Bij de start wil het halve peloton op de weg staan, maar er moeten nog allerlei kindercategorieën finishen. Rikus Bartol – dat is de man met de microfoon – staat te grappen dat hij iedereen die niet van de weg gaat uit koers neemt. Dan dreigt hij ons op te stellen op nummer. Er is niemand die het gelooft, maar toch gaat iedereen van de weg.

Langzaam verkleumt de hele groep. Ik hoor Rotterdamse accenten, zie Gelderse tenues en ontwaar allemaal renners die ik al een tijdje niet gezien heb. Rikus lult de tijd wat vol – en dat doet ie knap. Dan begint het natuurlijk te regenen. 1 graad Celcius, windkracht 5, ijskoude regen, en supersmerige wegen vol modder en stront. 100 zenuwachtige renners, ruim 60 kilometer koers. En na 2 bochten en 3 kilometer valt de slag.

Ik zie nog net dat Harko Kievit de sprong naar de kopgroep maakt. Die was niet zo goed in Annen en gaat er vandaag dus met de winst vandoor. Een bonenstaak van CSG gooit het gas open, een soignée renner uit het westen voert het tempo verder op. Verder ik zie twee meter tijdrijder Gerben Oldenkamp, ik meen Bas Bosma te herkennen en godbetert Pim van den Berg. Een nieuw jaar, maar het is allemaal weer hetzelfde.

Het groepje gaat natuurlijk niet terug gepakt worden, dus de rest van de koers concentreer ik me op het ontwijken van de wind en van de modder. Dat lukt allebei heel slecht. Na zestig kilometer waaieren, vloeken, tieren en volop genieten, rijd ik terug naar de permenance. We hebben volop gekoerst. Ik heb zere benen. En ik heb een onbeduidende uitslag gereden. Maar tsjonge jonge, wat een gave koers. Bij m’n auto besluit ik niet te douchen, maar me ter plekke om te kleden, en zo snel mogelijk naar huis te rijden. En hoe dat avontuurtje is gegaan, weten jullie allemaal al.

Oh ja: chapeau WSV Emmen – wat een fantastische organisatie!


Annen opgeschrikt door aanslag

Annen – van onze verslaggever

Tijdens de jongste editie van de GP Ekehaar (in de Annervelden te Annen, red.) werd het amateurpeloton opgeschrikt door een incident dat, naar het zich nu laat aanzien, niets minder is dan een schandalige aanslag op één van de voorstanders van de vroege vlucht.

Het was het zoveelste incident in korte tijd (denk bijvoorbeeld aan wat er gisteravond in Zweden gebeurde) waarbij de koers zoals wij deze kennen bedreigd wordt door tuig dat zich niet anders laat omschrijven dan “haatbaard”. Zo noemde geestelijk leider B. Vanderwallah de oerhollandse trainingsritten onlangs nog “nepkoersen” en flirt een splinterbeweging uit de Stad al langer met het al dan niet laten staan van lichaamsbeharing bij coureurs.

De gebeurtenis van afgelopen zondag is een triest dieptepunt in deze serie gebeurtenissen. Naar het zich laat aanzien werd een onschuldige renner bruut van de fiets gereden door, opnieuw, een renner met baard. Volgens getuigenverklaringen ging het hier om M. Abdoelens, dissident van De Kannibaal. De renner in kwestie kwam er met wat kleerscheuren van af, maar het lijkt een kwestie van tijd voordat de baard het peloton opnieuw in beroering brengt.

Volgens B. Smilders, conservatief in hart en nieren, is het tijd dat we de koers teruggeven aan het volk. “Het haar staat ons letterlijk aan de lippen”, aldus Smilders.  “Het peloton is het spuug- en spuugzat dat een klein clubje Bassoneukers het hier voor de rest verpest. Als ik straks patron van het peloton ben wordt het tijd om schoon schip te maken.”

Smilders pleit onder andere voor een baardverbod bij coureurs (getrimde snor is toegestaan, mits deze niet breder is dan 3 centimeter). Ook hippe koffiebarretjes en Rapha-kleding zijn, als het aan Smilders ligt, binnenkort verleden tijd. Over het incident van afgelopen zondag is Smilders duidelijk: “Een grof schandaal dat kennelijk zo maar mag in ons eigen Annen.” Het niet bestraffen van het incident door de jury noemde Smilders tot slot “knettergek”.

 


Omdat gister niet vandaag was, daarom

Omdat het soms meezit op je werk, of omdat het je gewoon geen reet kan schelen en je om half vijf zegt: nu is het genoeg, ik moet naar huis. Omdat je tegen je baas kan zeggen: kijk, ik kom op de fiets, dat is gezond en goed voor het milieu! En omdat hij dat met je eens is. Omdat je hoopt op een goed seizoen en je dus wil koersen. Omdat je het fijn vindt om snot uit je neus te hebben lopen. Omdat die studenten van TH de kas een beetje gevuld moeten hebben. Omdat het niet meer zo smerig koud is.

Daarom ga je naar Corpus. Daarom pomp je ’s ochtends vroeg je banden op, maak je een bidonnetje klaar en gooi je je geliefde rijwiel achterin je auto. Daarom rijd je met klamme handen net iets te hard door Groningen. Daarom overweeg je om zigzaggend door de bomen te rijden, als je moet wachten voor het spoor. Daarom druk je de roestige spelden met een verlopen nummer door je windstopper, zet je je bril achterste voren onder je helm. En daarom vloek je lachend als er een of andere idioot voor de eerste bocht al op de pedalen gaat staan.

Gister was het even lente, scheen de zon en zijn de eerste korte broeken gesignaleerd. Gister ging Wieger van der Wier gewoon 20 micro’s doen. Gister had je een lange zware dag, met veel gezeik. Gister keek je dromend naar websites over fietsen. Gister ging Wieger waarschijnlijk ook 50 kilometer op en neer zijn kantoor. Gister had Marco Hoekstra waarschijnlijk ook grote verhalen (alles om aan de verwachtingen van de buik van het peloton te voldoen). Gister leek de wereld mooi, maar was hij kut, want je kwam te laat thuis en viel in slaap bij DWDD.

Vandaag was het grijs. Vandaag fietste Wieger ook gewoon naar zijn werk. Vandaag lag de weg wat nat. Vandaag was de dag vol gepland met afspraken. Vandaag waren je leerlingen vervelend, of vandaag duurden de vergaderingen lang, vandaag moest je kutklusjes doen, vandaag was je baas chagrijnig, of vandaag was de secretaresse ziek, vandaag had je veel patienten, vandaag deden de machines het niet, of vandaag was er iemand jarig op kantoor.

Wat er vandaag ook was, wat er gister ook gebeurde, dat maakte allemaal geen fuck uit. Want nu is het rock ’n roll. Nu is de wielerbaan, met z’n zachte rollende bochten, met zijn mooie rockende asfalt, met Wieger van der Wier die ieder half rondje twee aanvallen weet te plaatsen en er dus vandoor gaat met beide zakken drop.

Omdat het gister niet vandaag was, daarom. Want vandaag was je weer even renner.


De wind

Die wind komt er. Dat is tenminste een belofte die stand houdt. En dat is nou typisch de wind: je kan er van op aan. Dat ‘ie komt tenminste, dat weet je zeker. Hoe ‘ie komt, dat is altijd maar afwachten. Het kan een bries zijn die het peloton zenuwachtig maakt, maar nét niet genoeg kracht heeft om de boel aan stukken de sleuren.

Het kan ook een oostenwind met kracht 5 zijn die jongens, mannen, meisjes en vrouwen doet roepen om hun moeder. Zo’n wind waait nog wel eens in Annen, gek genoeg. Verder gebeurt er niet veel in Annen, durven wij wel te beweren. Maar dát wel, en dat is eigenlijk ook gewoon genoeg.

Genoeg om te zorgen dat er vijf dames over de streep kwamen. Of er meer startten is maar de vraag. Waar die dan zijn gebleven is ook zo’n vraag. Het schijnt dat men nog steeds aan het zoeken is, in steeds grotere cirkels rond Annen. We kregen zojuist bericht dat er een NVWGUPLUSofzo armstuk is gevonden rond Beilen. Maar goed, tot zover de andere sport. We gaan ook geen verslagen schrijven over elk korfbalveld waar we langs zijn gefietst.

Er stond ook genoeg wind om het elitepeloton te blenderen. Cor van Leeuwen won, schijnt dat er verder niemand bij ‘m achterop zat. Gaan we dan maar van uit. Peter Merx verloor een sprint en werd tweede, dat hoor je ook bijna nooit. Misschien zat ‘ie toch bij Cor achterop, Frank Thomson werd vierde, straffe kost. Ook zo’n roeier die opeens een leuke sport heeft ontdekt. Deze heeft alleen geen studentikoos accent. Mwoah, minder in ieder geval. Het “superrrrmooi” rolt alsnog vrij makkelijk van de tong. Maar goed, genoeg over de tong van Frank. We glijden bij de gedachte al bijna van ons krukje. Van het peloton was niet veel meer over, dat lag ook in stukjes uiteen. De achterste stukjes werden daarbij ingehaald door de kopgroep van de amateurs. Lijkt ons helemaal niet leuk.

Die kopgroep was al na de eerste bocht gevlogen. Mooi kut voor de rest van het peloton, want daarna is er natuurlijk weinig meer aan. Robert Haaijema (Spaakbaard) legde zich er niet bij neer en maakte de sprong naar de kopgroep nog net op tijd. Hulde. Niet geschoten is altijd mis. Baard er af en een fiets uit deze eeuw kopen, dan lukt het ook gewoon om de laatste ronde in de kopgroep te blijven zitten.

Er won een fietsenmaker met zeeën van tijd. Een bodybuilder met zeeën van tijd werd tweede. Een Smilda derde. Een aantal geloste eliterenners mengde zich in de sprint om de winst bij de amateurs zodat ze nog een mooie 16e plek uit het vuur konden slepen. Allard Neijmeijer ging daar zeer verdienstelijk mee aan de haal. De amateurkopgroep feliciteerde hem na de koers hartelijk en was blij dat ze een bijdrage heeft kunnen leveren aan dit schitterende resultaat. Op naar volgende week.