Aan het Oldend in Anderen staat een huisje. Het is een lief huisje op een mooie plek, maar niet zo lief als de rest. Het lijkt er ooit wat haastig neergezet te zijn, tussen de oude boerderijen en chiquere gezinswoningen. Toch heeft dat huisje iets dat de rest niet heeft. Iets dat mensen die er van af weten altijd even speurend naar de schoorsteen doet kijken. Vaak tevergeefs, maar soms ook niet, en voor die keren doen ze het.

Aan het Hagenend in Anderen staat een gebouwtje. Het is een grappig gebouwtje op een aardige plek. Het is overduidelijk met liefde neergezet, en de naam doet vermoeden dat men er trots op is. Men is er ook zuinig op: er wordt gefluisterd dat de vloer in de kantine nog de originele vloer is. Hoe dat kan? Zuinig met je spullen omgaan. 

Als je er oog voor hebt is er genoeg bijzonders te zien. En misschien zijn we wel wat bevooroordeeld, maar het meest bijzondere dat er op zo’n zondag in Anderen gebeurt is toch wel de bonte verzameling wielrenners die door het dorp trekt. Wat ons toch met z’n allen bezielt om een druilerige dag door het landschap te jakkeren blijft een raadsel. Het is nat, het is goor, het is niet zonder gevaar en na afloop ben je kapot. En dat is altijd precies het moment waarop je je herinnert waarom. Waarom het vandaag, op dit moment, tegen al deze klootzakken, toch weer moest gebeuren. 

Wat er dan moest gebeuren? We moesten met z’n allen achter een kopgroep aanrijden die zich al een paar keer bijna had gevormd, maar toen ‘ie er echt was het onontkoombaar dat ‘ie weg zou blijven. Flinke namen als Weerkamp, Veldkamp en Van der Wier gingen het uitmaken richting de streep, de rest reed voor de pannekoeken. De Kannibaal reed onbegrijpelijk, maar dat koesteren we. Cor van Leeuwen kwam te laat uit z’n hok, de jongens van Tandje Hoger kunnen we niet uit elkaar houden en wie er nou precies bij Gaul! rijdt snappen we ook nooit helemaal. Uiteindelijk pakte Veldkamp de winst door een late uitval, hoorden we. Knap werk. 

Nog even een oproepje aan de Friese enclave: kom eens van die stomme wielerbaantjes af en rijd een lekker omloopje in Drenthe. De Grûtte Prys Binne Harkema Voorjaarsbokaal kan je gerust een keer overslaan om ook eens écht even een koers te rijden. Voor iedereen leuker. Ja toch.

Oh ja, die schoorsteen? Als je met gierende hartkleppen over de finish jaagt rijd je even rechtdoor tot de T-splitsing, daar ga je rechts, en na een meter of 200 staat een huisje. Op die schoorsteen zit best vaak een steenuiltje, zomaar in het volle zicht. Goed kijken, dan zie ‘m. En dat gebouwtje? Dorphuis Oes Stee, natuurlijk. Daar nemen ze op maandagochtend ook gewoon de telefoon op als je voor de deur staat omdat je het spatbordje van Adne Koster hebt gejat en je eigen bent vergeten. Je gunt ze een nieuwe vloer die tegen wielerschoenen kan, maar alles op z’n tijd. 

One Comment

  1. Wat goed dat jullie terug zijn. En hoe! Weer met plezier en leedvermaak gelezen. Pittige uitspraken over die Friezen. Houd ik van. En graag wat concurrentie voor die veel (bijna) winners.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.