Vlak voor ik weg ga loop ik de schuur in en steek ik mijn verfmes bij me. Die kan straks nog wel eens van pas komen.

Het is zondag, einde van de ochtend en ik ben op weg naar de klassieker onder de ICW’s. De opening van het wielerjaar, als je Annen, Sleen, Emmen en de dropkoersen niet meetelt. Een beetje zoals Milaan-Sanremo de opening van het prof-wielerjaar is. Vandaag gaat het er om: wie staat er goed voor, wie niet.

Een paar uur later hang ik vermoeid over mijn stuur. Ik vloek binnensmonds. En ik vloek een keertje buitensmonds. Uit een ooghoek zie ik een mannetje in een groen shirtje, dat net niet strak gespannen staat om een mager lijf, boven een paar dikke ballonkuiten, richting een muurtje sprinten. Is dat the one and only Hekman? Moet ie misschien poepen en is ie op zoek naar wat privacy?

Het snot loopt uit mijn neus en ik kwijl nog een beetje na, maar ben toch wel benieuwd en besluit op onderzoek uit te gaan. Achter het muurtje balt Hekman zijn vuistjes. Hij maakt een dansje. Doet een paar sprongetjes. Trekt zijn shirt weer recht. En komt weer te voorschijn. Het is de lichtelijk idiote ontknoping, van een koers zonder wind en zonder zon, op het industrieterrein van Middelstum.

Niet dat de uitslag heel raar is: Hekman wint. En dat is niet nieuw. Want Hekman is een veelwinnaar en voor hem telt een ICW niet, zelfs niet als het Middelstum is. Daarom doet hij zijn vreugde-uitingen achter een muurtje. Het is niet de bedoeling dat iemand het ziet, maar hij leek me toch erg in zijn nopjes.

Bij de B’s, of de SK zoals ze tegenwoordig heten, wint Robert, nieuwe lichting CSGs. Ieder jaar weet die club een blik verse SKs open te trekken, ieder jaar domineren ze Middelstum bij de Bs, ieder jaar is dat ook het belangrijkste wapenfeit. De renners vertrekken, krijgen kinderen, promoveren naar de A’s, naar de elites, naar van alles. Meestal wordt er nooit weer wat van ze vernomen. Toch was dat een mooie sprint, met een serieus bebaarde winnaar. Ik denk dat ie volgend jaar voor Spaak rijdt.

Mijn verfmes. Dat heb ik bij me gestoken om reputaties van het asfalt te schrapen. Een lekker koersende renner met een lekke band. Vorig jaar een Gaul, dit jaar een CSG’er. Tom Akkerman, die iedereen pijn doet, maar gewoon achter het peloton finisht. Frank Huisman, die toch niet kan sprinten, ook al heeft ie wel de blik van een echt sprintkanon (=beetje geil, moeilijk te doorgronden). Gert de Veen. Deed die mee? Vast. Hij lacht ons allemaal uit. Tim Weerkamp, oud-winnaar die staat te supporteren. Jelte Krol, oud-winnaar, die bij de B’s koerst. De Zaes ploeg, die op het laatste moment nog bijna Berend Smilda tegen het asfalt werkt, maar wel met twee bosjes bloemen naar huis gaat. En alle dames, want die laten gewoon een Brabo winnen.

Als iedereen naar huis is blijf ik achter. Ik schraap wat met mijn verfmes. Ik spuug een beetje op de grond en schraap wat verder. Hee, daar ligt mijn eigen reputatie, zo plat als een overreden egel. Als niemand kijkt, doe ik het dansje van Hekman na. Achter hetzelfde muurtje en op mijn wielerschoenen. Godver, volgend jaar, dan is Middelstum van mij.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.