De onderbuik

Ik wou dat ik Harko was

Hij doet tegenwoordig sterk denken aan Bradley Wiggins. Kek helmpje op z’n knar, hippe sokken, een grijns, een paar zinnen die je net niet kan verstaan. En een palmares waar we allemaal onrustig van zouden slapen. Zijn lange lijf hangt een beetje nonchalant over zijn stuur. En hij heeft precies dezelfde baard. Het kan niet lang duren voor Harko Kievit een tattoo sleeve heeft, denk ik. En daarna zal het wel niet lang meer duren voor hij voor Spaak rijdt.

We staan aan de start van de tweede en laatste amateur klassieker van het seizoen. De vorige was Kleine Hein, dit is Rûntsje Tsjûkemar. Een rondje van maar liefst 40 kilometer. 100 politiemotoren, deelnemers uit heel Nederland. Geneutraliseerd starten, goede permenance, en inschrijving in een feesttent, waar een heuse coverband voor de muzikale omlijsting zorgt.

Vanuit de voorrij-auto wordt geschreeuwd dat het nog anderhalve minuut is tot de start. Om me heen wordt nerveus gegiecheld. Twee jongens van CSG proberen hun zenuwen weg te schreeuwen. Een hele kluit Hanzerenners fantaseert hardop over een ontsnapping. TH’ers staan verbaasd de wereld te bewonderen (zoals altijd), een ploeg uit Utrecht bralt studentikoos over een sushitent.
En Harko? Harko vraagt aan zijn buurman of die zijn fiets vast wil houden. De schoolmeester uit Leek wandelt doodgemoedereerd naar de dichtstbijzijnde boom. Hij gaat een plasje doen.

Het jurylid uit de voorrij-auto schreeuwt dat het nog één minuut is. Harko wiegt zijn heupen van links naar rechts. Hij is nog maar halverwege, geloof ik. Ik wou dat ik Harko was. Ik moet ook heel nodig plassen. Al wel een kwartier, maar ik was bang dat ik mijn plekje kwijt zou raken als ik hier ging staan zeiken. Of dat iedereen van alles naar mijn hoofd zou slingeren. Dat ik niet op tijd terug zou zijn. Dat ik met een schoenplaatje in het sompige gras van de oevers van het Tjeukemeer zou blijven steken.

Harko niet. Winnaar van de Ronde van Groningen en iedere andere klassieker in het noorden, iedere kermiskoers, trainingsrit, het DK, Kleine Hein, deze koers, overal heeft ie al een keer met zijn handen omhoog gestaan. Een contract gehad bij Jo Piels, ploegleider bij een eliteploeg en nog steeds traint ie minstens 300km per week. Ik schud mijn hoofd, terwijl Harko terug wandelt. Hij maakt nog een grapje, pakt zijn fiets en slingert zijn imposante rechterbeen been over het frame.

Nog 3 seconden en dan gaan we.

Halverwege koers kijk ik naar links. Boven een gabba-achtig regenjasje zie ik de baard van Kievit. We hebben vandaag samen de slag gemist. Gelukkig maar, ook Harko is gewoon een mens. Ik hoor hem praten over een afscheid. Dat het niet meer is wat het ooit was. Maar ik weet wel beter. Ouwe hipster.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.