De onderbuik

CSG Sportklasse-equipe ziet kansen

Groningen – Ik Heuvelman

Iedere ploeg kiest in de aanloop naar het nieuwe seizoen voor een eigen aanpak. Ondanks een matige voorbereiding ziet de Groningse Sportklasseploeg kansen hier en daar potten te breken in de voorjaarskoersen.

De coureurs die de kolen uit het vuur moeten halen voor de club van iconen als Steven Sloof, Leon Tolboom, Wieger van der Wier en Paul van den Broek laten zich voorzichtig positief uit over hun kansen. “Je weet natuurlijk nooit wat de rest doet”, aldus Bram Kempkens, voormalig Nederlands topatleet. “Maar ik heb de hoop dat ik met ongeveer 6 trainingen per week in ieder geval leuk de koersen uit kan rijden en hier en daar eens mee kan sprinten voor een mooie ereplaats.”

Ook Anko Smilda, die net als Hans de Boer de overstap maakte van De Kannibaal, hoopt dat zijn 1000 kilometer per maand genoeg zijn voor de instapklasse van het wielrennen. “Natuurlijk, er zijn vast jongens die meer doen. Het gebeurt nu regelmatig dat ik me niet eens opnieuw hoef voor te stellen als ik thuiskom. Dan weet je dat je in principe niet genoeg doet. Maar het blijft wielrennen. De bal is rond.”

Marco Bergman en Rob Bonting, beide door de wol geverfde voormalig topamateurs die dit jaar een stapje terug doen naar de Sportklasse, zien de verrichtingen van hun collegarenners met lede ogen aan. “Als je op dit niveau wilt presteren moet er meer gebeuren. Maar goed, als die jongens denken dat dit voldoende is wens ik ze veel succes”, aldus De Patron. “Ook mijn voorbereiding is niet je-dat, maar op mijn leeftijd mag dat, hahaha”, grapt hij. “Vandaag was de tank al na een kilometer of 140 leeg. Dan kom je waarschijnlijk gewoon te kort tijdens een ICW Assen of een GP Langelo, maar goed, dat weet je dan van tevoren. We zullen zien of ik morgen de 180 kan volmaken”.

Nippend aan Spa Rood (Spa Blauw was op) laat Pim Klomp zich voorzichtig pessimistisch uit. “Kijk, onze vorm (wijzend naar levenspartner Roland Klad) is natuurlijk niet slecht, maar je zal altijd zien dat een type Jan Oolders in de laatste meters gewoon even laat zien wie de baas is. En dan staan wij er mooi sneu bij.”

Nieuwbakken Sportklasserenner van Jan Hekman, rijdend bij Team AGU, snapt niets van de onzekerheid bij de Groningse equipe. “Dat die mannen durven te dromen van een fatsoenlijke uitslag zo nu en dan is onbegrijpelijk. Ik kom net terug van een stevige trainingsstage in Calpe. Mijns inziens een onmisbare schakel in een fatsoenlijke voorbereiding. Als die jongens denken dat ze met dit gepruts na 40 kilometer nog een finale kunnen rijden zijn ze knettergek.”

Sportklasse-coryfee Marten Veen van WV Omega snapt de voorbereiding van de Cyclesporters wel. “Wellicht beschikken ze net als ik over een negatief wielertalent. Hoe meer ik train, hoe langzamer het gaat.”

Het moge duidelijk zijn, de messen zijn geslepen. Nog maar een kleine maand tot de eerste krachtmeting op Sportklasse-niveau: de GP Middelstum te Middelstum. Uw verslaggever houdt een vinger aan de pols!

 

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.